Bakabana recept sranang kukru

Er zijn van die snacks waar je keuken meteen gezellig van gaat ruiken. Bakabana is er zo eentje. Rijpe bakbanaan in een kruidig jasje, goudbruin uit de olie, en dan het liefst met een lepel pindasaus ernaast. Dit bakabana recept sranang kukru maak je gewoon thuis, zonder gedoe. Als je eenmaal doorhebt hoe dik je beslag moet zijn en hoe heet je olie, wil je deze snack vaker op tafel zetten.

Wat is bakabana?

Bakabana is een bekende Surinaamse snack met Javaanse roots. Het is simpel en juist daardoor zo lekker: zoete bakbanaan, door een gekruid beslag gehaald en daarna gefrituurd. Je ziet het vaak op feestjes en bij eettentjes, omdat het snel weg eet en het bij bijna iedereen in de smaak valt.

Het verschil met een gewone gefrituurde banaan zit vooral in het beslag. Dat is niet alleen een laagje, maar echt een knapperig jasje met smaak. En met een pittig zoete saus erbij wordt het helemaal af.

Ingrediënten voor bakabana

Met onderstaande hoeveelheden maak je ongeveer 10 tot 12 stuks, afhankelijk van hoe groot je snijdt.

Voor de bakabana

3 rijpe bakbananen
120 g bloem
2 eetlepels maïzena
1 theelepel bakpoeder
1 theelepel suiker
driekwart theelepel zout
halve theelepel gemalen komijn
halve theelepel knoflookpoeder of 1 teen knoflook fijn geraspt
200 tot 240 ml water of koude melk, beetje bij beetje
olie om te frituren

Optioneel, maar zeker de moeite waard

1 kleine lente ui, flinterfijn gesneden
1 kleine rode peper, fijn gesneden

Welke bakbananen werken het best?

De rijpheid van de bakbanaan bepaalt voor een groot deel je resultaat. Voor klassieke bakabana wil je bakbananen die geel zijn met flink wat donkere vlekken. Ze ruiken zoet en geven een beetje mee als je ze voorzichtig indrukt.

Gebruik je groene bakbananen, dan blijft de binnenkant steviger en minder zoet. Dat kan lekker zijn, maar het is een andere snack dan de bakabana die je meestal bij Surinaamse eettentjes krijgt.

Bakabana recept sranang kukru: zo maak je het

Neem er even rustig de tijd voor. Het is geen moeilijk recept, maar goede olie en het juiste beslag maken echt verschil.

Beslag maken dat goed blijft zitten

Pak een kom en meng bloem, maïzena, bakpoeder, suiker, zout, komijn en knoflook door elkaar. Schenk daarna beetje bij beetje water of melk erbij en roer tot je een glad beslag hebt.

De dikte is belangrijk. Denk aan pannenkoekenbeslag, maar dan net iets dikker. Je wilt dat het aan de banaan blijft hangen, zonder dat je een zware deeglaag krijgt. Laat het beslag daarna ongeveer 10 minuten rusten. Dat korte rustmoment zorgt vaak voor een luchtiger en mooier korstje.

Wil je lente ui of rode peper gebruiken, roer die dan op het einde door het beslag.

Bakbananen snijden zonder gedoe

Pel de bakbananen en snijd ze daarna. De klassieke vorm is in de lengte doormidden. Voor kleinere hapjes kun je ook plakjes snijden van ongeveer 1 tot 1,5 cm dik.

Dep de stukken eventueel even droog met keukenpapier. Dat klinkt pietluttig, maar het helpt wel zodat het beslag beter hecht.

Olie verhitten en de juiste temperatuur herkennen

Verhit een laag olie in een diepe pan of gebruik een frituurpan. Richt op 175 tot 180 graden. Heb je geen thermometer, steek dan een houten lepel in de olie. Als er meteen bubbeltjes langs het hout omhoog komen, zit je meestal goed.

Wacht liever iets langer tot de olie echt heet is. Te lauwe olie maakt je bakabana vet en slap.

Frituren: zo krijg je ze goudbruin en knapperig

Haal de stukken bakbanaan één voor één door het beslag en laat heel kort uitdruipen boven de kom. Leg ze voorzichtig in de hete olie.

Bak in porties. Als je de pan te vol doet, koelt de olie te snel af en krijg je geen knapperige korst. Frituur de bakabana in ongeveer 3 tot 5 minuten goudbruin. Keer ze halverwege om, zodat alles gelijkmatig bakt.

Laat de bakabana uitlekken op keukenpapier en serveer ze het liefst meteen.

Snelle pindasaus die perfect past bij bakabana

Zonder saus is bakabana nog steeds lekker, maar met pindasaus wordt het pas echt die bekende combinatie. Deze versie maak je in een paar minuten en je kunt hem makkelijk aanpassen naar jouw smaak.

Snelle pindasaus

4 eetlepels pindakaas
120 ml warm water
1 eetlepel ketjap manis
1 theelepel suiker of honing
1 theelepel limoensap of azijn
snuf zout
sambal naar smaak

Doe alles in een klein pannetje en verwarm op laag vuur. Blijf roeren tot de saus glad is. Vind je hem te dik, voeg dan een scheutje warm water toe. Te dun? Laat hem heel even zachtjes pruttelen.

Veelgemaakte fouten bij bakabana

Bakabana is vergevingsgezind, maar deze dingen gaan het vaakst mis.

Waarom blijft het beslag niet plakken?

Meestal is het beslag te dun, of de banaan is te nat. Voeg een eetlepel bloem toe en roer goed door. Dep de banaan vooraf even droog. Soms helpt het ook om het beslag een paar minuten langer te laten staan.

Waarom wordt bakabana slap?

Slap betekent bijna altijd dat de olie niet heet genoeg was, of dat je te veel tegelijk hebt gebakken. Bak in kleinere porties en geef de olie tussendoor tijd om weer op temperatuur te komen.

Waarom is de buitenkant te donker en de binnenkant nog niet goed?

Dan is de olie te heet. Zet het vuur iets lager en bak wat langer. Bakbanaan heeft even tijd nodig om vanbinnen zacht en warm te worden.

Variaties die echt lekker zijn

Als je de basis eenmaal onder de knie hebt, kun je makkelijk spelen met het beslag.

Extra krokant jasje

Vervang 1 eetlepel bloem door rijstmeel, of voeg een extra eetlepel maïzena toe. Dat geeft een drogere, knapperige korst.

Meer hartig

Laat de suiker weg en voeg bijvoorbeeld wat fijngesneden ui, selderij of een snufje kerrie toe. Komijn blijft mooi als basis, maar een beetje extra specerij kan prima.

Kan bakabana in de airfryer of oven?

Het kan, maar verwacht een ander resultaat dan frituren. Het jasje wordt minder luchtig en minder krokant. Als je het toch wilt proberen, maak je beslag iets dikker, spray de stukken met olie en bak op 200 graden tot ze mooi kleuren. Keer halverwege. Het werkt het best met wat geduld en een dunne laag beslag.

Bakabana bewaren en opwarmen

Vers uit de olie is bakabana op z’n best. Toch iets over? Dan kun je dit aanhouden.

Bewaar maximaal 1 dag in een afgesloten bak in de koelkast. Opwarmen doe je het liefst in de oven op 200 graden, ongeveer 8 tot 10 minuten. Dan komt er nog wat knapperigheid terug. In de magnetron wordt het snel zacht en sponsig, dus die zou ik vermijden.

Beslag kun je prima een paar uur van tevoren maken en afgedekt in de koelkast zetten. Roer het voor gebruik nog even door, want het kan iets indikken.

Veelgestelde vragen over bakabana

Welke banaan heb je nodig voor bakabana?

Gebruik bakbananen, het liefst goed rijp. Die worden zacht en zoet vanbinnen en passen het beste bij het kruidige beslag.

Kun je gewone bananen gebruiken?

Het kan, maar het wordt al snel te zoet en te zacht. Gewone bananen vallen sneller uit elkaar en je mist die typische structuur van bakbanaan.

Welke olie is het beste om te frituren?

Zonnebloemolie en arachideolie zijn allebei geschikt. Ze kunnen goed tegen hoge temperaturen en hebben een neutrale smaak, waardoor je bakabana niet naar olie gaat smaken.

Bakabana maken voor een feestje

Bakabana is ideaal om te serveren als snack, maar reken erop dat het snel verdwijnt. Maak de pindasaus alvast, zet wat servetjes klaar en bak de laatste portie vlak voor je gaat eten. Dan heb je die knapperige buitenkant en zachte, warme binnenkant waar bakabana zo geliefd om is.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *